Investeerders in schalieolie begeven zich naar de uitgang

Energeia, 29-7-2019

In de Nederlandse media leest men meer over zon en wind dan over olie en gas. En in zekere zin is dat begrijpelijk: olie en gas mogen dan het heden hebben, maar zon en wind hebben de toekomst. Toch? Al die aandacht heeft ertoe geleid dat men er in Nederland soms voetstoots van uitgaat dat technologische vooruitgang en kostendalingen zijn voorbehouden aan de wereld van zon en wind. Dat is niet zo.

De afgelopen tien jaar steeg het aandeel “nieuw duurzaam” (zon en wind) in de wereldwijde primaire energievoorziening van 0 naar ruim 2 procent. In diezelfde tijd steeg het aandeel “nieuw fossiel” (schalieolie en -gas) van 0 naar ongeveer 6 procent. Schalieolie uit de VS zorgde ervoor dat de olieprijzen de laatste 5 jaar rond de 60 dollar per vat lagen en niet rond de 120 dollar, zoals in de 5 jaar daarvoor.

Hoe lang kan schalieolie nog snel doorgroeien?

De olie-industrie heeft over schalieolie altijd gemengde gevoelens gehad. Aan de ene kant is er het respect voor de grote technische prestatie die hier geleverd is; decennia lang werd dit voor onmogelijk gehouden. En is er de trots in de VS dat men met de snel stijgende productie op het punt staat een netto exporteur van olie te worden en niet meer afhankelijk is van een land als Saoedi-Arabië. Energy independence!

Daartegenover staat een unheimisch gevoel: hoe lang kan dit nog goed blijven gaan? Wanneer krijgt de zwaartekracht vat op de als een raket stijgende productie van schalieolie in de VS? Tenslotte is deze industrie als geheel al 10 jaar lang verliesgevend.

Bij de managers van schalieoliebedrijven leek lange tijd het eerste gevoel te overheersen: tot nu toe is alles goed gegaan en verdere technologische vooruitgang zal ons redden. Onderschat nooit de menselijke inventiviteit!

Maar bij de geologen en ingenieurs in het veld komt al geruime tijd vooral het tweede gevoel naar voren bij de AAPG (the American Association of Petroleum Geologists) of de SPE (the Society of Petroleum Engineers). We produceren steeds meer water en gas met de schalieolie mee en die trend zal zich onherroepelijk verder voortzetten. Nieuwe putten in de best producerende gebieden worden op steeds kleiner afstand van bestaande putten geboord, het vermindert de productie met 20 tot 40%, en die trend zal zich onherroepelijk verder voortzetten. Waarom negeert de financiële wereld onze waarschuwingen?

Het sentiment rond schalieolie verslechtert

Dit jaar lijkt de financiële wereld wel met andere ogen tegen schalieolie te gaan aankijken. Het sentiment rond schalieolie is merkbaar verslechterd. De slechte koersontwikkeling van schalieoliebedrijven, niet alleen ten opzichte van de S&P 500 maar met name ook ten opzichte van conventionele oliebedrijven als Shell, springt steeds meer in het oog. Ook onder de grotere schalieolieproducenten was een halvering van de aandeelprijs de laatste 12 maanden niet ongewoon.

De financiering, vooral door middel van high yield obligaties, droogt langzaam op. Verwacht wordt dat die in 2019 de helft zal bedragen van die in voorafgaande jaren. Let wel: wat er in de laatste 12 maanden geboord is bepaalt voor een groot deel wat men op dit moment produceert; de productie in het eerste jaar van een put kan 50 tot 70% van de totale productie bedragen.

Service companies zoals Schlumberger waarschuwen dat er nu minder vraag is naar hun diensten in schalieolie. Bedrijven als Caterpillar waarschuwen dat er minder zware machines verkocht worden in het schalieolie segment.

De groei van de schalieolie productie is de laatste maanden tot stilstand gekomen. Hervat de productiestijging zich nu weer snel of begint de productie werkelijk een plateau te bereiken?

Hoe betrouwbaar zijn de cijfers?

Deze week presenteerde Kayross, een bedrijf gespecialiseerd in de analyse van data betreffende energie, de resultaten van een analyse met satellietdata van producerende putten in de Permian. Zij stellen dat hier alleen in 2018 meer dan 1100 van de dat jaar geboorde putten, ongeveer 20% van het totaal, niet gerapporteerd zijn in de officiële databases. Het betreft hier naar verluid vooral niet of slecht producerende putten van niet beurs genoteerde bedrijven.

Als deze analyse correct is zijn de implicaties groot. Het impliceert dat de werkelijke gemiddelde productie per put lager is dan tot nu toe aangenomen (de door de EIA gerapporteerde productie klopt; wat onderschat wordt is het aantal putten waarmee deze productie bereikt wordt). De gemiddelde kosten per geproduceerde barrel zijn hoger dan geschat. Totale kosten voor producenten zijn onderschat met ongeveer 4 miljard dollar.

Binnen de industrie zijn de reacties tweeledig: Aan de ene kant: ongeloof; dit kan toch niet waar zijn. Aan de andere kant: dit is een serieus bedrijf met analisten met een grote reputatie (waaronder een voormalig president van Schlumberger Business Consulting en een voormalig chief oil analyst van de IEA). In een non-executive rol zijn zwaargewichten als Andrew Gould (ex BG) en Lord Brown (ex BP) bij dit bedrijf betrokken; zij verbinden zich niet aan een bedrijf dat onzinverhalen verkoopt.

Dit alles zou een verklaring kunnen zijn waarom de officiële cijfers van de EIA lange tijd nog steeds een lichte stijging van de productiviteit per put lieten zien terwijl veel signalen uit het veld erop wijzen dat er een plateau is bereikt of zelfs een lichte daling is ingezet. Het zou er ook op kunnen duiden dat de gerapporteerde raadselachtige grote stijging van de DUC’s (drilled and uncompleted wells) in werkelijkheid niet, of slechts in beperkte mate, heeft plaats gevonden. Waarom zou een industrie met cash flow problemen een groot aantal half klare producten (putten die wel geboord maar nog niet gefrackt zijn) lange tijd op de plank laten liggen?

Investeerders begeven zich naar de uitgang

Investeerders begeven zich nu naar de uitgang. Wordt dat een zich ordelijk terugtrekken en een gestaag doordruppelen van faillissementen van de zwakke broeders onder de schalieolieproducenten, zoals dat al enige jaren aan de gang is? Of raakt men in paniek en wordt het rennen naar de uitgang? In dat laatste geval: riemen vast!

Advertisements
This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s